Jeroen Groote (SOR): IT-investeringen zijn randvoorwaardelijk om meer woonruimte te realiseren

Vergrijzing, betaalbaarheid, beschikbaarheid, leefbaarheid en duurzaamheid. De uitdagingen voor de sector zijn immens. Stichting Ouderenhuisvesting Rotterdam (SOR) vliegt deze met een no nonsense, handen uit de mouwen mentaliteit aan. Maar wat houdt dat in de praktijk in en hoe helpt die visie de organisatie digitaal te transformeren? CorporatieGids Magazine sprak erover met Manager Financiën Jeroen Groote.

SOR – verantwoordelijk voor ruim 7.000 woningen in de regio’s Rotterdam en de Hoeksche Waard – heeft momenteel veel uitdagingen die het hoofd geboden moeten worden, begint Jeroen: “De afgelopen periode zijn prestatieafspraken gemaakt met Aedes, de Woonbond, de VNG én minister de Jonge. Op basis hiervan wordt de verhuurderheffing in 2023 afgeschaft en zijn diverse opgaven voor verschillende thema’s bepaald. Denk aan huurverlaging, een verdubbeling van woningbouw, versnelde verduurzaming en een grote impuls op leefbaarheid. Daarnaast werd op Prinsjesdag een aantal maatregelen bekendgemaakt die de financiële huishouding van corporaties raken. Die combinatie zorgt ervoor dat momenteel verschillende uitdagingen op ons pad liggen.”

BIG5
Een van de grootste uitdagingen is het realiseren van nieuwe woningen. De regio waarin SOR opereert verwacht veel vergrijzing – een groei van 25 procent tot 2035 – waarbij bewoners langer thuis willen wonen. “We zien onze doelgroep de komende jaren dan ook fors toenemen. Dit is voor ons de reden dat we continu kritisch naar ons bezit kijken en geen mogelijkheid onbenut laten om de beschikbaarheid te optimaliseren. Hiervoor is in het ondernemingsplan het project BIG5 opgenomen. Dit staat voor optoppen, ondertoppen, woningen splitsen, woningdelen en nieuwbouw. Vanuit alle perspectieven wordt gekeken wat er bij onze complexen mogelijk is om het aantal wooneenheden te laten groeien en de beschikbaarheid te optimaliseren.”

No nonsense
De ouderenhuisvester doet haar werk met een zelfbeschreven ‘no nonsense, handen uit de mouwen’-mentaliteit. “Om doelen te bereiken moet je zaken aanpakken,” licht Jeroen toe. “Daar zijn onze medewerkers zeer sterk in. Problemen worden aangepakt en er wordt altijd in oplossingen gedacht. Dit is nodig om de uitdagingen waar onze sector mee te maken heeft het hoofd te kunnen bieden. Gezien onze beperkte financiële middelen is dat soms lastig.”

Hospitality-gedachte
SOR trekt die no nonsense-mentaliteit door naar haar IT-landschap. Jeroen: “Dit doen wij door te onderzoeken op welke manier wij toegevoegde waarde kunnen bieden binnen de dienstverlening vanuit de hospitality-gedachte. Bijvoorbeeld door projecten samen te stellen uit verschillende disciplines waardoor een mix ontstaat van verschillende achtergronden. Dit draagt bij aan het leveren van een gericht totaalresultaat richting de bewoner. Hospitality is ook een belangrijke pijler binnen ons ondernemingsplan waarbij zowel de medewerker als de bewoner centraal staan.”

Andere nuances
De bewoner centraal stellen gaat soms wel anders dan bij een reguliere corporatie. “Wij leggen als ouderenhuisvester de nuances soms wat anders. Waar een reguliere corporatie steeds meer diensten automatiseert, staat bij ons het persoonlijke contact nog meer centraal. Onze bewoners kunnen ons via verschillende kanalen bereiken. Telefonisch, per post of e-mail, maar ook fysiek op kantoor. Mocht dat alsnog lastig zijn, kunnen zij ook altijd terecht bij onze thuismeesters die een luisterend oor bieden en in oplossingen meedenken.”

System-to-system
SOR is koploper als het gaat om het uitrollen van het Referentie Grootboek Schema. “We krijgen vanuit de verschillende toezichthoudende organen steeds meer te maken met digitale uitwisseling van gegevens,” legt Jeroen uit. “Het streven is om de gegevensuitwisseling zoveel mogelijk system-to-system te laten plaatsvinden waardoor eventuele fouten tot een minimum beperkt worden. Bij de uitwisseling laat de documentatie in veel gevallen te wensen over, waardoor bij de uitvoering onduidelijkheden ontstaan. Dat is de reden geweest om de zaken goed voor te bereiden en vroeg met RGS te starten.”

Koploper zonder risico
Koploper zijn betekent volgens Jeroen niet dat SOR onnodig risico loopt. “Het is natuurlijk gemakkelijk om eerst andere partijen de zaken te laten regelen om vervolgens nadat alles is uitgekristalliseerd de zaken over te nemen. Maar als we dit allemaal doen, dan komen we als sector niet verder. We pakken dus graag nieuwe zaken op als dit binnen onze mogelijkheden ligt.”

Geen verrassingen
Bij de uitrol van RGS heeft SOR nauw samengewerkt met NCCW. “Vanaf de start hebben zij ons begeleid,” zegt Jeroen hierover. “Door middel van een aantal workshops op onze locatie in Rotterdam, hebben we de inrichting doorgenomen en zijn problemen benoemd. NCCW houdt ons ook op de hoogte van eventuele wijzigingen in de inrichting, welke later nog doorgevoerd moeten worden. Hierdoor houden we de inrichting ook up-to-date.”

“Op dit moment kunnen we helaas nog geen gebruik maken van de inrichting van het RGS, omdat het nog niet verplicht is gesteld. En toch loont het de moeite nu al. Bij de inrichting van RGS kijk je kritisch naar de inrichting van je huidige grootboek en kan je nog eenvoudig aanpassingen doorvoeren. Als je tot het laatste moment wacht, kom je waarschijnlijk voor verrassingen te staan en wordt het aanbrengen van wijzigingen op een later moment veel ingewikkelder.”

Digitale transformatie
Het omarmen van RGS maakt onderdeel uit van de digitale transformatie binnen SOR. “Als we dat combineren met de eerdergenoemde BIG5 doelen, willen we onder andere 2.000 nieuwe wooneenheden toevoegen. Daarvoor is het randvoorwaardelijk dat onze organisatie over goede, betrouwbare vastgoeddata beschikt. Door middel van een project hierover onderzoeken we bijvoorbeeld welke behoefte nodig is voor de projecten, en kunnen we het gat tussen benodigde en huidige vastgoeddata oplossen. IT-investeringen helpen zo direct bij het realiseren van nieuwe woningen.”

Veranderende doelgroep
“Ondanks het maatschappelijk belang van SOR voor de samenleving is ons bestaansrecht niet vanzelfsprekend,” sluit Jeroen het gesprek af. “De wereld om ons heen verandert in een rap tempo en de digitalisering neemt nog fors toe. Dit betekent ook dat onze doelgroep steeds vaardiger zal worden op digitaal gebied. De oudere van nu is bijvoorbeeld veel vaardiger dan die van tien of vijftien jaar geleden. Door hierop te anticiperen binnen de digitale transformatie, bieden wij onze bewoners nu én in de toekomst een veilige en toekomstbestendige leefomgeving. Daar stropen we onze mouwen voor op.”